Inclusie begint niet met beleid. Het begint met een zinnetje. Esther Mollema

 

Vorig jaar viel het kwartje bij ons: als we écht verder willen komen met inclusie, moeten we er minder over praten en het vooral dóen. Niet alleen in beleidsplannen of strategische sessies, maar juist in al die kleine momenten tussendoor. Inclusie begint niet op de werkvloer, maar in de wandelgang. Bij het koffiezetapparaat. In elke vergadering. Het zit in wat je zegt, wat je laat, en wat je wél opmerkt.

 

Van over inclusie praten, naar inclusie doen.

Inclusie is dé sleutel tot beter teamwerk. Teams waar mensen zich écht gezien en gewaardeerd voelen, zijn enthousiaster, creatiever en meer betrokken. Inclusief samenwerken is dus niet alleen prettiger, het is cruciaal als je je klanten, cliënten of markt echt wilt begrijpen en bedienen.

 

 

Toch gebeurt inclusie niet vanzelf. Ons brein denkt in hokjes en zoekt manieren om erbij te horen. Dat is menselijk, maar het kan ertoe leiden dat anderen buitengesloten worden. Vaak onbedoeld, maar met impact.

Misschien doe je als collega of leider al je uiterste best, en toch voelt het alsof je team meer potentie heeft. Dat klopt ook. Diversiteit begint bij aannemen, maar inclusie vraagt dagelijkse actie. Niet alleen aan de top, juist op de werkvloer. Inclusieve teams ontstaan uit een cultuur waarin iedereen mag bijdragen. In die cultuur maken vooral de kleine momenten het verschil.

 

Micromomenten: de kleine acties die het verschil maken. 

 

Hieronder vind je een paar voorbeelden van micromomenten: kleine, bewuste handelingen die laten zien dat je iemand ziet, waardeert, en erbij betrekt. Niet op de officiële momenten, maar juist tussendoor. In een tussenzin. In een stilte waarin iemand eindelijk wél iets durft te zeggen. Een vraag die je niet eerder stelde. In dat soort momenten zit het begin van verandering.

 

 

In de zin:
“Hoe denk jij dat ik dit heb aangepakt?”

In het gebaar:
“Wacht even, ik leg m’n telefoon weg.”

In de erkenning:
“Ik zie wat je doet voor het team, en ik waardeer het.”

In de check:
“Is dit niet te veel werk op jouw bord?”

In de uitnodiging tot meedenken:
“Wat missen we nog?”

 

 

In het lef om ongemak te benoemen:
“Deze grap voelde niet goed, humor moet voor iedereen leuk zijn.” 

In het openstellen:
“Zullen we het ze gewoon vragen in plaats van aannemen?”

In de waardering voor eerlijkheid:
“Bedankt voor je eerlijkheid, dat zegt iets moois over jou.”

 

 

Waarom juist die kleine momenten tellen

 

Micromomenten doen iets met mensen. Eén eenvoudige daad van vriendelijkheid activeert al gelukshormonen — niet alleen bij degene die het ontvangt, maar ook bij degene die het geeft én bij wie het ziet gebeuren. Geen enkel gebaar is ooit verspild.

En dat laat zich meten. Medewerkers die regelmatig micromomenten ervaren voelen tot 76% meer verbondenheid (Porath et al., 2015), hebben 71% meer energie (Stanchak, 2024) en tonen 73% meer betrokkenheid bij het behalen van doelen (Porath et al., 2015). Teams waarin micromomenten de norm zijn kennen minder verloop (McGonagle, 2014), meer psychologische veiligheid (Edmondson, 2009), meer creativiteit (Carmeli, 2015) en betere samenwerking.

Maar één vriendelijke opmerking verandert nog geen cultuur. Daarvoor is iets anders nodig.

Van goede intentie naar vaste gewoonte

 

Hoe zorg je ervoor dat zo’n micromoment geen toevalstreffer blijft, maar een reflex wordt? Dat het geen ‘mooie uitzondering’ is, maar de manier waarop je werkt?

Door van intentie een gewoonte te maken. Want als je gedrag niet meer afhankelijk is van je agenda, maar meehelpt vanaf je automatische piloot, ontstaat er iets dat blijft.

Via gewoontes kan je elke dag een micro beetje inclusiever worden. De impact per dag lijkt misschien nihil. Maar weet: Elke dag één procent inclusiever lijkt weinig. Maar na een jaar ben je 37 keer inclusiever (James Clear, Atomic Habits). En nee, dat vraagt geen rigoureuze ommezwaai. Gewoontes helpen je om op je automatische piloot het verschil te maken. Ook als je het druk hebt of weinig energie hebt. Want mensen zijn, of je wil of niet, bundels van gewoontes.

Gedragsexpert Emmalotte helpt teams om micromomenten te verankeren in het alledaagse. Ze is gecertificeerd in de gewoonteleermethode van Stanford-hoogleraar BJ Fogg en stelde hem in Las Vegas haar laatste vragen over hoe je gedragsverandering écht laat plakken.

Want het effect zit niet in het eenmalige compliment, maar in het moment waarop dat compliment vanzelf komt. In de vanzelfsprekendheid waarmee je aandacht hebt voor wie stil blijft. In dat korte check-in moment dat geen uitzondering meer is, maar onderdeel van hoe je samenwerkt.

Laat ons je helpen om van je team geen perfecte collega’s te maken, maar gewoontebouwers.

Waarom werken gewoontes?

 

  • Omdat als iets eenmaal een gewoonte is, je het automatisch uitvoert, zelfs als je hoofd vol zit.
  • Omdat gewoontes besmettelijk zijn (de goede net zo goed als de slechte.)
  • Omdat kleine gewoontes groot doorwerken. Op je cultuur, op anderen, en op jezelf.

Echte verandering begint klein. En ze kan vandaag beginnen. Met één zin. Eén gebaar. Eén micromoment. Juist die kleine momenten overtuigen je brein dat inclusie de moeite waard is. Maar het echte verschil maak je pas als je die momenten laat terugkeren. Niet één keer goed doen, maar zó vaak doen dat het vanzelf gaat. Zodat inclusie geen extra taak is, maar een vanzelfsprekend onderdeel wordt van hoe je samenwerkt, leidt en groeit als team.

Benieuwd naar wat wij te bieden hebben?

Klik hier voor onze Micromomenten pagina, of ga direct naar het #InclusieDoen Kaartenspel of de In 30 Seconden Per Dag Inclusiever Challenge.